Waarom huilen zo spannend is
Over controle, schaamte en het niet willen voelen>
Huilen. Voor de een iets wat zelden gebeurt. Voor de ander iets wat zich onverwacht aandient, precies op momenten dat het niet uitkomt.
In mijn praktijk voor lichaamsgerichte psychotherapie ontmoet ik veel mensen die zeggen: “Ik wil best meer voelen… maar als ik ga huilen, dan ben ik bang dat ik de controle verlies". Die angst is begrijpelijk. Huilen raakt aan iets dat dieper gaat dan emotie alleen. Het raakt aan het beeld hoe anderen je zien, aan veiligheid, aan de vraag of je kunt blijven staan wanneer gevoel zich aandient.
Wanneer emoties te dichtbij komen
Tranen verschijnen zelden uit het niets. Ze komen op wanneer een emotie wordt aangeraakt. Soms herkenbaar als verdriet of ontroering, soms vaag en ongrijpbaar. Op dat moment ontstaat er vaak spanning. Niet zozeer door de emotie zelf, maar door wat we denken dat er zal gebeuren als we haar toelaten.
Veel mensen kennen gedachten als: als ik dit toelaat, stort ik in of dan komt er iets los wat ik niet meer kan stoppen. Het lichaam reageert sneller dan het hoofd kan bijbenen. En juist dat maakt huilen zo confronterend.
Foto van Joseph Berardi
Huilen als volwassene
Als kind was huilen vaak nog toegestaan. Er was ruimte, nabijheid, iemand die bleef. Naarmate we ouder worden, verandert dat landschap. Er ontstaat een verwachting dat je je groot houdt, dat je emoties beheerst en vooral dat je niemand tot last bent met je binnenwereld.
Zelden gebeurt dat door één duidelijke boodschap. Vaker door herhaling. Door zuchten, wegkijken, goedbedoelde adviezen of grapjes die je leren: dit is niet welkom. Zo ontstaat langzaam het idee dat huilen iets is wat je beter alleen kunt doen. Of liever helemaal niet.
Waarom voelt huilen als controleverlies?
Voor veel mensen is huilen niet alleen emotioneel, maar ook existentiëel spannend. Het kan voelen als instorten, als even niet meer weten waar je bent of wie je bent. Zeker wanneer emoties in het verleden overweldigend waren, kan je systeem besluiten dat voelen gevaarlijk is.
Vanaf dat moment gaat er veel energie zitten in het vermijden van het gevoel. In sterk blijven. In jezelf bij elkaar houden. Ooit heeft dit vaak geholpen. Maar wat toen nodig was, kan later in je leven tegen je gaan werken.
Wat gebeurt er als je emoties en tranen onderdrukt?
Het niet laten stromen van tranen vraagt inspanning. Die inspanning zie ik terug in lichamen die altijd ‘aan’ staan. Adem die hoog blijft, kaken die vastgezet zijn, schouders die nooit echt zakken.
Emoties verdwijnen niet doordat je ze negeert. Ze zoeken hun weg. Soms als vermoeidheid, soms als onrust of een kort lontje, soms als een gevoel van afgevlakt zijn. Het lichaam onthoudt wat het hoofd liever vergeet.
“Ik voel niets” en toch huil ik
Soms hoor ik iemand zeggen: “Ik weet eigenlijk niet wat ik voel, en toch komen er tranen.” Dat kan verwarrend zijn. Het hoofd snapt het niet, maar het lichaam spreekt een andere taal.
Tranen hoeven niet altijd een helder verhaal te vertellen. Soms zijn ze simpelweg een teken dat er beweging komt. Dat iets wat lang op de achtergrond was, voorzichtig naar voren schuift. Zonder woorden. Zonder uitleg.
Waarom schamen we ons voor onze tranen als volwassene?
Naast angst speelt schaamte vaak een stille hoofdrol. Schaamte om kwetsbaar te zijn. Om gezien te worden in iets dat waar is voor jou, maar waar de buitenwereld (ooit) afkeurend op reageerde.
Veel mensen huilen liever alleen. Of slikken hun tranen weg zodra er iemand in de buurt is. Niet omdat ze geen verbinding willen, maar omdat ze hebben geleerd dat hun emoties te veel zijn. Of te ongemakkelijk.
Tranen hoeven niet opgelost te worden
Wat vaak over het hoofd wordt gezien, is dat huilen geen probleem is dat een oplossing vraagt. Het is een lichamelijke reactie op spanning die een uitweg zoekt.
Tranen vragen zelden om adviezen of verklaringen. Wat ze nodig hebben, is ruimte. Tijd. Iemand, of jijzelf, die niet weggaat.
Een andere manier van erbij blijven
In plaats van vechten tegen je tranen of ze wegduwen, kun je oefenen met vertragen. Niet om jezelf te dwingen te huilen, maar om het niet meteen af te snijden wanneer het zich aandient.
Dat kan heel eenvoudig zijn:
- even gaan zitten en je voeten op de grond voelen
- je adem volgen zonder iets te veranderen
Golvende beweging
Tranen komen zelden lineair. Ze bewegen in golven. Ze zwellen aan en trekken zich weer terug. Wat ze groter maakt, is de strijd ertegen. Wat helpt, is erkennen dat ze er zijn en ook dit voorbijgaat.
Lichaamsgerichte psychotherapie
In lichaamsgerichte psychotherapie werken we niet alleen met woorden, maar met wat het lichaam laat zien, zoals spanning, ontlading, veranderende ademhaling of hartslag. Samen onderzoeken we waar emoties worden vastgehouden en welke patronen er zijn ontstaan om niet te voelen.
Niet om iets open te breken of te forceren. Wel om het stap voor stap veiliger te maken om aanwezig te blijven bij wat er is.
Tot slot
Als huilen voor jou spannend is, dan zegt dat niets over zwakte. Het vertelt iets over wat je hebt geleerd en wat ooit nodig was om door te gaan.
Merk je dat dit thema je raakt? In mijn praktijk ben je welkom om hier samen bij stil te staan. Je hoeft niets te fixen en niets te forceren. Soms is vertragen al genoeg.